WYBIERZ POPRAWNĄ ODPOWIEDŹ NR 3

Z tekstu wyjeliśmy wybrane czasowniki i przywróciliśmy je do formy bezokolicznika (tzn. formy słownikowej). Wasze zadanie polega na wybraniu poprawnej odpowiedzi, czyli wskazania, która forma jest poprawna: * * * koopoptie Het onherroepelijke aanbod van de verhuurder om met de huurder een koopovereenkomst te …. (1. sluiten) terzake van het gehuurde zodra de huurder deze optie inroept. In huurcontracten …. (2. worden) soms een koopoptie opgenomen. Op grond van deze […]

ODMIEŃ CZASOWNIK W PYTANIU 4

Odmień poprawnie czasownik w pytaniu: Wie ….. (gaan) morgen onze konijnen ….. (eten) ….. (geven)? Wat ….. (zijn) de kosten van dit pakket? Wie ….. (hebben) het hoogste cijfer voor Nederlands? Wie ….. (gaan) als eerste zijn spreekbeurt ….. (houden)? Welke winkel ….. (hebben)de mooiste jurken? Wat voor test …. (krijgen) we op donderdag? ….. (weten) jij wat de voordelen van leren op een laptop …. (zijn)? Wat ….. (gaan) […]

ODMIEŃ CZASOWNIK W PYTANIU 3

Odmień poprawnie czasownik w pytaniu: Wie ….. (gaan) er mee? Wat ….. (gaan) jij en Patric ….. (doen)? Welke leerlingen ….. (gaan) morgen naar Rome? Welk boek ….. (vinden) hij leuk? Wat voor kleren ….. (trekken) je op zaterdag aan? Wat voor jongen ….. (zijn) dat? Wie ….. (gaan) dat ….. (betalen)? Wat voor antwoord ….. (hebben) jij op vraag 6b? Welke jongen ….. (bedoelen) zij? Welk spel ….. (gaan) […]

WYBIERZ POPRAWNĄ ODPOWIEDŹ NR 2

Z tekstu wyjeliśmy wybrane czasowniki i przywróciliśmy je do formy bezokolicznika (tzn. formy słownikowej). Wasze zadanie polega na wybraniu poprawnej odpowiedzi, czyli wskazania, która forma jest poprawna: * * * bewijs In het Nederlandse procesrecht …. (1. gelden) als hoofdregel dat de rechter alleen die feiten of rechten aan zijn beslissing ten grondslag … (2. mogen) leggen, die in de rechtszaak aan hem ter kennis …. (3. zijn) gekomen of […]

WYBIERZ POPRAWNĄ ODPOWIEDŹ NR 1

Z tekstu wyjeliśmy wybrane czasowniki i przywróciliśmy je do formy bezokolicznika (tzn. formy słownikowej). Wasze zadanie polega na wybraniu poprawnej odpowiedzi, czyli wskazania, która forma jest poprawna: * * * overeenkomst Een meerzijdige rechtshandeling, waarbij een of meer partijen jegens een of meer andere partijen een verbintenis aangaan. Een overeenkomst …. (1. zijn) (behoudens sommige uitzonderingen, zoals de koop van een woning door een particulier) vormvrij: deze …. (2. kunnen) […]

ODMIEŃ CZASOWNIK W PYTANIU 2

Odmień poprawnie czasownik w pytaniu: Waarom ….. (vragen) je dat? Wie ….. (zijn) jij? Wat ….. (lezen) je? Wanneer ….. (gaan) je naar huis? Welk boek ….. (vinden) jij leuk? Wat voor kleren ….. (trekken) je morgen aan? Wat voor jongen ….. (zijn)dat? Wie ….. (gaan) dat betalen? Welk spel ….. (gaan) je doen?

ODMIEŃ CZASOWNIK W PYTANIU 1

Odmień prawidłowo czasownik w pytaniu: ……. (zijn) etiketten goed of fout? ……. (lopen) ik naar de stad? ……. (rennen) jij altijd zo hard? ……. (willen) je een appel? ……. (gaan) jij weg? ……. (zijn) je iets vergeten? ……. (willen) jij even komen? …….(maken) jij alle opdrachten? ……. (hebben) jij een legotrein van Sinterklaas gekregen? …….(blijken) hij een heel goede baas>  

ODMIEŃ PRAWIDŁOWO CZASOWNIKI W TEKŚCIE 7

Odmień prawidłowo czasowniki w poniższym tekście: Reizigers ….. (moeten) in de komende herfstvakantie rekening …..  (houden) met weer erg lange rijen op Schiphol. Volgens vakbond FNV ….. (zijn) de personeelstekorten nog lang niet ….. (opgelosen) terwijl het vanaf zaterdag drukker ….. (worden) op de luchthaven. Ook …..  (zorgen) het oplaaiende coronavirus waarschijnlijk voor meer uitval van personeel. ‘Ik ….. (hebben) te doen met mensen die ervoor hebben gekozen te ….. […]

ODMIEŃ PRAWIDŁOWO CZASOWNIKI W TEKŚCIE 6

W poniższym tekście pochądzącym ze strony belstingdienst dotyczącym dodatków odmień prawidłowo czasowniki 🙂 Zwróć uwagę na formę grzecznościową “u”! ….. (kunnen) ik vragen een bewoner niet als mijn toeslagpartner mee te laten tellen? ……… (hebben) we iemand anders op uw adres meegeteld als uw toeslagpartner? Soms …….. (zijn) dat onterecht en …….. (kunnen) u ons vragen om dit ongedaan te …….. (maken). Dat ……. (kunnen) in de volgende situaties: De […]

ODMIEŃ PRAWIDŁOWO CZASOWNIKI W TEKŚCIE 5

W poniższym tekście pochądzącym ze strony belstingdienst dotyczącym dodatków odmień prawidłowo czasowniki 🙂 Zwróć uwagę na formę grzecznościową “u”!   ……. (krijgen) u huurtoeslag? Uw echtgenoot of geregistreerd partner die niet op hetzelfde adres …… (staan) ingeschreven als u, …… (tellen) voor de huurtoeslag niet mee als toeslagpartner, maar wél voor de andere toeslagen. Vanaf welk moment ……. (tellen) iemand mee als mijn toeslagpartner? U ……. (zijn) elkaars toeslagpartner vanaf […]

ODMIEŃ PRAWIDŁOWO CZASOWNIKI W TEKŚCIE 4

W poniższym tekście pochądzącym ze strony belstingdienst dotyczącym dodatków odmień prawidłowo czasowniki 🙂 Zwróć uwagę na formę grzecznościową “u”!   Toeslagpartner: een partner die ….. (meetellen) voor de toeslagen Bij toeslagen ….. (spreken) we niet over een partner, maar over een ‘toeslagpartner’. Als u een toeslagpartner ….. (hebben), ……. (tellen) het inkomen van beiden mee voor uw toeslag. U …… (krijgen)de toeslag samen. Wie …… (zijn) mijn toeslagpartner? …….. (zijn) […]

ODMIEŃ PRAWIDŁOWO CZASOWNIKI W TEKŚCIE 3

W poniższym tekście pochądzącym ze strony belstingdienst dotyczącym dodatków odmień prawidłowo czasowniki 🙂 Zwróć uwagę na formę grzecznościową “u”! Voor welke woningen …….. (kunnen) ik huurtoeslag …….. (krijgen) en voor welke niet? U ………. (kunnen) alleen huurtoeslag …….. (krijgen) voor een zelfstandige woonruimte. Zoals een flat, een studio of een rijtjeshuis. Een zelfstandige woning ……… (hebben) in ieder geval deze 4 eigenschappen: een eigen woon/slaapkamer een eigen keuken met aanrecht, […]