CZYTANIE ZE ZROZUMIENIEM: GRAP-JAS 3

Kolejna dawka humoru, czyli nauka czytania ze zrozumieniem * * * Bram heeft een kale kop en heeft een pruik gekocht. Als hij hem aan z’n vriend laat zien zegt de vriend: ‚Ik heb ook een kale kop maar ik zal nooit een pruik opdoen!’ Waarop Bram zegt: ‚Dat is logisch, een lege schuur heeft […]

CZYTANIE ZE ZROZUMIENIEM: GRAP-JAS 2

Dacie rade zrozumieć dowcip bez tłumaczenia? * * * Wat is het verschil tussen een ongeval en een ramp? Als je schoonmoeder in het water rijdt is het een ongeval. Als ze er weer uitkomt is het een ramp. * * * Zit ik in een restaurant met m’n vrouw en m’n schoonmoeder te eten. […]

CZYTANIE ZE ZROZUMIENIEM: GRAP-JAS 1

Powodzenia w zrozumieniu: * * * Een man kwam thuis met twee grote emmers koemest voor de tuin, die hij had gehaald bij een boer uit de buurt. ‚Waar is dat voor,’ vroeg zijn zoontje van zes. ‚Voor de aardbeien,’ zei de man. Het zoontje staarde hem aan en zei toen: ‚Ik heb ze liever […]

ODMIANA CZASOWNIKA – OV

Wstaw prawidłowo odmieniony czasownik: voldoen                      ………… je kaart aan onderstaande kenmerken? kunnen                     Je ……………. maximaal drie keer per jaar online je geld terugvragen. hebben                      …………….. je niet in- of uitgecheckt? zijn                            Het saldo ……….. soms niet actueel. kunnen                     Hoe ……………. […]

ODMIANA CZASOWNIKA – WYBIERZ POPRAWNĄ ODPOWIEDZ

Wybierz poprawną odpowiedz: 1. Wij …………. elke vier maanden rapportages. a.publiceren                          b. publicerent 2. Hier ………… u een aantal documenten. a. vind                                    b. vindt 3. …….. u niet eerder post van ons ontvangen? Hebt Heb 4. Deze kosten ……. u optellen bij het boetebedrag. a. moet               […]

SPELEN

Spelen, czyli grać, bawić się Czas teraźniejszy: ik speel – ja gram jij speelt – ty grasz hij speelt – on gra wij spelen – my gramy jullie spelen – wy gracie zij spelen – oni grają Voetbal spelen is leuk. – Gra w piłkę nożną jest fajna. Mijn hobby is gitaar spelen. – Moim […]

ODMIANA CZASOWNIKÓW MODALNY – MIX

Dziś to samo ćwiczenie co tydzień temu tyle, że z czasownikami modalnymi w roli głównej, czyli wybierz poprawną odpowiedz: 1. Dit …………… echt niet. a. kan b. kunnen 2. Ik ………….. niet beslissen. a. kan b.kun 3. Het ………… zoveel zijn. a. kunt b.kan 4. Ze ……… zelf rijden. a. kunt b.kunnen 5. …………… ik […]

ODMIANA CZASOWNIKA – NOWE ĆWICZENIE

Wybierz poprawną odpowiedz: 1. Ik ………… geen idee. a. heb b. heeft 2. Je ………. niet gewonnen. a. hebt b. heeft 3. Hij …………. helemaal gelijk. a. hebt b. heeft 4. ………….. u e-mail? a. heb b. hebt 5. Je ……….. twee weken. a. hebt b. heb 6. Zij ……….. geen suiker. a. heeft b. […]

WETEN

Czasownik: weten, czyli wiedzieć Czas teraźniejszy: ik weet – ja wiem jij weet – ty wiesz hij weet – on wie wij weten – my wiemy jullie weten – wy wiecie zij weten – oni wiedzą Wie weet? – Kto wie? Ik weet niet of hij het weet. – Nie wiem czy on wie. Hoe […]

ĆWICZENIE: MIJN / JOUW / UW

Wstaw barkujące słówko: mijn / jouw / uw / zijn / haar / ons/onze / jullie / hun Dit is …………….. boek. (ik) Mijn hobby is…. (ik) Zij is …………. zus (wij) Wat is …………….. e-mailadres? (je) Mijn thuis is …………… kasteel. Ze bereikten ………. doel. (zij) Dit is …………. hond. (je) Zijn jullie voor […]

ODMIANA CZASOWNIKÓW – PYTANIA

Odmień prawidło czasownik: zijn Wat ……………… een beroep? komen Hoe …………….. dat? gaan Met wie …………….. u op reis? kunnen Hoe ……………….. hij zijn adres het beste invullen? wonen ………. deze persoon in Amsterdam? werken Waar ………… deze persoon? zijn Wat …………….. uw ervaring? fietsen Waar ………… de kinderen naartoe? schrijven Over wie ………………. u […]

ODMIANA CZASOWNIKÓW – PRACA

Odmień prawidłowo czasownik: hebben           Ik …………….. een nieuwe baan gevonden. zijn                  …………….. je uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek? hebben           Hij ………………….. een minimuminkomen. zijn                  Discriminatie …………………… in principe verboden. mogen            Wij ………………. vrij wonen en werken in de landen van de Europese Unie. komen            Wij ……………….. graag in contact met jou. kunnen        […]

KLAARMAKEN

Klaarmaken – skończyć, ukończyć, zakończyć, przygotować Czas teraźniejszy: ik maak klaar – ja przygotowuje jij maakt klaar – ty przygotowujesz hij maakt klaar –  on przygotowuje wij maken klaar – my przygotowujemu jullie maken klaar – wy przygotowujecie zij maken klaar – oni przygotowują Ik maak het eten klaar. – Przygotuje jedzenie. Je  maakt je […]

CZASOWNIK ODMIANA – ĆWICZENIE PODRÓŻ

Odmień prawidłowo czasownik: kosten                  Wat …………………. de reis? zijn                        Het …………….. helaas een lange reis. kunnen                In heel Nederland ……………… je in de trein, bus, tram en metro reizen uitchecken          Je …… altijd eerst …. . overstappen       Je ……………. van een NS-trein. kosten                 Een persoonlijke OV-chipkaart …………… € […]

CZASOWNIKI – MIX ĆWICZEŃ 2

Odmień prawidłowo czasownik:  zijn                 Het is mooi ……… vandaag. blijven           Het …………. vanavond bewolkt maar droog. beginnen      Morgenochtend …………. de dag zonnig. dalen             De temperatuur …………. tot 9 °C overdag. worden         Vanaf zondag …………… het overdag warmer. starten          […]