ĆWICZENIE: ODMIANA CZASOWNIKÓW NR 9

Wstaw prawidłowo odmieniony czasownik:

  1. Hij ……. (telen) plantjes en ……. (worden) nog eens betrapt!
  2.  ……. (dragen) jij dit project een warm hart toe?
  3. Weet jij hoeveel het eetfestijn onze bedrijf ……. (opleveren)?
  4. Zijn blik ……. (dwalen) weg.
  5. Wij ……. (vinden) dat ze er bleekjes uitziet.
  6. Ik ……. (vermijden) Markus zo veel als ik kan.
  7. ……. (lijden) jij ook onder deze situatie?
  8. ……. (halen) jij de post binnen?
  9. Wie ……. (dirigeren) het orkest tijdens de nieuwjaarsconcerten?
  10. Wie …….  (bieden) er hoger?
  11. Vader ……. (slalommen) tussen de kegels van het parcours.

Trzymamy za Was kciuki!!! Napiszcie swoje propozycje w komentarzu, jeśli pojawi się błąd, podamy Wam poprawną odpowiedz 🙂

TEAM LEKCJA HOLENDERSKIEGO

Dodaj komentarz

Twój adres e-mail nie zostanie opublikowany.