LITERA – I

de / het idee – wat je (over iets of iemand) denkt of wat je ineens bedenkt

ieder – je zegt dit woord als je alles en iedereen bedoelt

iedereen – alle personen

iemand – persoon zonder dat je weet wie

iets – niet veel, niet zo erg of als je niet weet of wil zeggen waar het precies over gaat

het ijs – bevroren water of bevroren lekkernij

het ijzer – bepaald soort metaal of voorwerp dat van ijzer gemaakt is

ik – je gebruikt dit woord als je over jezelf praat en je onderwerp van de zin bent

in – in een richting naar binnen of in de mode of binnen de lijnen of je gebruikt dit woord voor de plaats waarbinnen iets of iemand is of je gebruikt dit woord voor een tijdstip of tijdsduur of je gebruikt dit woord voor een getal of hoeveelheid of je gebruikt dit woord als vast voorzetsel bij andere woorden

het instrument – voorwerp waarmee je muziek maakt of voorwerp dat je gebruikt bij nauwkeurig werk of middel dat bij iets helpt

Dodaj komentarz

Twój adres email nie zostanie opublikowany.