LITERA – G

gaan – bewegen en daardoor van plaats veranderen of beginnen met een handeling of kunnen, mogelijk zijn of passen of zich ontwikkelen, verlopen

het gat – ruimte die niet gevuld is of achterwerk, billen of kleine plaats, klein dorp

gebeuren – iets wat plaatsvindt

de gebeurtenis – iets dat gebeurt

het gebied – stuk land of alles wat bij een bepaald onderwerp hoort

de geboorte – moment dat een kind of dier wordt geboren

geboren – ter wereld gekomen

het gebruik – het ergens voor benutten of wat men gewoonlijk doet of moet

gebruikelijk – zoals het meestal is

gebruiken – eten of drinken of er zo mee omgaan dat je er wat aan hebt of hem iets laten doen terwijl dat niet in zijn belang is

het gedrag – hoe je je gedraagt

gedragen – op een bepaalde manier handelen

geel – met de kleur van een citroen

geen – ontkenning

gehoorzamen  – bereid om te doen wat van je wordt gevraagd

de geit – herkauwend dier met horens en een sik

het geld – munten en bankbiljetten waarmee je kunt betalen

de geliefde – man of vrouw van wie je het meeste houdt

het gelijk – wat waar is, of wat klopt / gelijk – precies zoals iets of iemand anders of met een oppervlak zonder bobbels of met dezelfde rang of macht, hetzelfde niveau

het geloof  – overtuiging dat iets waar is of bestaat of overtuiging dat er een opperwezen bestaat

het geluid – wat je kunt horen

het geluk – gunstige gebeurtenis of gevoel van grote blijheid en harmonie

het gemak – wat het leven gemakkelijker of plezieriger maakt of toestand van niet opgewonden zijn, rustig zijn of wat geen inspanning kost

gemakkelijk – waar je weinig moeite voor hoeft te doen

gemeen – bedoeld om te benadelen of te kwellen of hevig, heel erg of van meer mensen, gezamenlijk

genieten –(iets) erg aangenaam vinden

genoeg – voldoende

het genot – het ergens plezier aan beleven

het gerecht – deel van een maaltijd dat in één schaal of pan wordt klaargemaakt of rechtbank

het gereedschap – wat je nodig hebt om iets te maken

geschikt– goed bruikbaar (voor iets) of aardig

gespannen – als je onrustig bent of (van een toestand) als iets naars dreigt te gebeuren

de geur  – wat je ruikt

het gevaar – kans dat er iets ergs gaat gebeuren

gevaarlijk – als iets of iemand gevaar kan brengen

de gevangenis – zwaar bewaakt gebouw waar mensen opgesloten zitten

geven – aanreiken, in zijn handen plaatsen of aan iemand overhandigen die het mag houden of zorgen dat het iets oplevert of van iets of iemand houden of een vak onderwijzen

het gevolg – wat eruit voortkomt of groep mensen die achter iemand aanloopt

het gewicht – hoeveel iemand of iets weegt of zwaar metalen voorwerp om je spierkracht te vergroten of belang

gewoon – als iets niet opvalt en vaak voorkomt of als je iets vaak doet

het gezicht – voorkant van het hoofd of hoe het eruitziet

gezond – in goede lichamelijke en geestelijke toestand of als iets goed voor je gezondheid is

het gif – stof met schadelijke en soms dodelijke werking

gisteren – de dag voor vandaag

glad – geheel en al, in alle opzichten of handig en slim of helemaal of met een oppervlak zonder bobbels of waar je gemakkelijk op uitglijdt

het glas –helemaal doorzichtig materiaal of voorwerp van glas om uit te drinken

de glimlach – een lachend gezicht trekken en geen geluid maken

de god – machtig wezen, in godsdiensten met meer dan één god

het goed – woord met vage betekenis voor allerlei zaken of wat goed is of kleding / goed – als iets of iemand een hoge kwaliteit heeft of in welvarende conditie is of gunstig (voor iets) of correct of

goedkoop – wat weinig geld kost of met weinig waarde, zonder stijl

het goud – duur metaal met een gele kleur of gouden medaille als eerste prijs

het graf – kuil waarin een dode begraven wordt

de grap – iets dat gezegd of gedaan wordt waar je om

grappig – als je om iets moet lachen

het gras – groene plant met lange smalle blaadjes

de grens – denkbeeldige lijn die twee gebieden scheidt

grijs – de kleur van een olifant of niet zoals het hoort, maar ook niet echt

groeien groter of meer worden

groen – met de kleur van gras of milieuvriendelijk

de groente – planten die we als voedsel eten

de groep – aantal personen of dingen bij elkaar of klas van de lagere school

grof – als je niet beleefd of beschaafd bent of zonder details of heel groot of heel veel

de grond – bodemlaag waarin planten en bomen groeien of oppervlakte van de aarde of waarom je iets doet of vindt

groot – met meer dan normale omvang of afmetingen of belangrijk

de grootmoeder – moeder van je vader of moeder

de grootvader – vader van je vader of moeder

Dodaj komentarz

Twój adres email nie zostanie opublikowany.