ŁAMACZE 2

1 De postkoetskoetsier poetst de roest van de postkoets met een roestpoetsdoek

 

2 Als jouw teckel mijn teckel tackelt, tackelt mijn teckel jouw teckel terug.

 

3 Als de kakkerlak in de kattebak kakt, zit de kattebak vol met kakkerlakkenkak

 

4 Als een potvis in een pispot pist heb je een pispot vol met potvispis.

 

5 Liesje leerde Lotje lopen langs de lange lindenlaan, maar Lotje wou niet leren lopen dus liet Liesje Lotje staan.

 

6 Visser Frits vist verse vissen, verse vissen vist visser Frits.

 

7 Een platte plak bakbloedworst

 

8 Ruud Rups raspt rap rode ronde radijsjes

 

9 Ezels eten netels niet en netels eten ezels niet

 

10 Blubberige bibberige bipsen bibberen blubberig (deze heeft mijn dochter bedacht).

Dodaj komentarz

Twój adres email nie zostanie opublikowany.