ODPOWIEDZI – ODMIANA CZASOWNIKÓW 3

Vertellen -> Ik vertel je geen geheimen.

Rennen -> Ren jij naar huis?

Klussen -> Mark klust iedere dag.

Putten -> Wij putten hier onze kracht uit.

Bestellen -> Patric en Juliaan bestellen een pizza. 

Stoppen -> De boeren stoppen met jagen.

Pakken -> Pak jij die doos even aan.

Zakken -> Ik zak voor mijn examen. 

Beslissen -> Moeder  beslist dat.

Redden -> Hij redt het wel.

Schudden -> Jan schudt zijn hoofd.

Kennen -> Kennen jullie hem?

Dodaj komentarz

Twój adres email nie zostanie opublikowany.