TRYB ROZKAZUJĄCY – ĆWICZENIE

Odmień prawidłowo czasownik:

  1. (gaan) Jan, …………………. in huis kijken.  
  2. (kopen) Nou, ………………… het dan niet.
  3. (schrijven) Ja, ………………… erover op je laptop.
  4. (kijken) …………….. mensen!
  5. (lezen) …………………de verklaring voor.
  6. (rijden) …………………… je weg.
  7. (komen) …………………… , rijd met me mee.
  8. (wacht) …………….. even!
  9. (luisteren) …………………..  naar me.
  10. (zeggen) Alsjeblieft, ……………… zulke dingen niet.
  11. (blijven) ………………… doorlopen.

Dodaj komentarz

Twój adres email nie zostanie opublikowany.